Luchtslang kiezen: diameter, lengte en aansluiten
Een passende luchtslang begint bij je aansluitingen en de route door de kweektent. Zo kies je een uitvoering en voorkom je onnodige bochten, lekkage en weerstand.

1. Noteer de aansluitmaten voordat je bestelt
Schrijf de aansluitmaat van je afzuiger, koolstoffilter en tentdoorvoer op. Maak een eenvoudig schetsje van de route. Zo zie je waar een bocht, verbinding of verloopstuk nodig is. Een maat in een productnaam is geen belofte dat elk onderdeel met een ongeveer gelijke diameter vanzelf past.
Kies bij voorkeur een traject met dezelfde aansluitmaat. Gebruik bij verschillende aansluitingen een verloopstuk dat aan beide zijden klopt. Maak geen keuze op alleen het ventilatorvermogen: de aansluiting en de volledige luchtweg bepalen welke slang praktisch bruikbaar is.
2. Kies tussen transport, isolatie en verdeling
Combi Connect en Sono Connect zijn de twee richtingen voor een flexibel luchtkanaal in deze categorie. Combi Connect heeft een zwarte buitenlaag. Sono Connect is geïsoleerd en vraagt daardoor meer ruimte rond het binnenkanaal. Bedenk vooraf of geluid een belangrijke rol speelt bij de plaats van je tent.
Een luchtverdeelslang is een ander onderdeel. De gaatjes laten toevoerlucht onderweg uitstromen. Gebruik die voor gerichte verdeling langs een traject en niet als gesloten afvoerslang. Transparant folie en zichtbare gaatjes maken die functie ook op de productfoto herkenbaar.
3. Meet de werkelijke route, niet de rechte afstand
Neem de afstand tussen de onderdelen plus de ruimte voor aansluitingen en ruime bochten. Een rol van 10 meter geeft materiaal om op maat te werken; het is geen advies om 10 meter in een kleine tent op te hangen.
Te veel overtollige slang zorgt vaak voor lussen of samengedrukte stukken. Trek het gebruikte deel uit en ondersteun het zodat de doorgang open blijft. Plaats geen scherpe knik direct op de uitlaat van de ventilator.
4. Zet de verbinding vast én maak haar luchtdicht
Schuif het binnenkanaal passend over de aansluiting. Gebruik geschikte luchtdichte tape en een passende slangklem. Controleer of de bevestiging op het aansluitstuk klemt en niet alleen op een losse rand.
Werk bij geïsoleerde slang ook de mantel en isolatie af. Voorkom een open verbinding tussen binnenkanaal en buitenmantel. Klem niet uitsluitend de zachte isolatie vast en laat geen losse isolatie in de luchtweg achter. Ondersteun de slang zodat het gewicht niet aan de aansluiting trekt.
5. Controleer het complete systeem
Zet de ventilatie aan met het filter en de volledige slangroute gemonteerd. Controleer met je hand rond de verbindingen op luchtlekken en kijk of de slang niet inzakt of ergens wordt dichtgedrukt. Luister ook of delen tegen elkaar trillen.
Blijft de luchtstroom tegenvallen, loop dan eerst de route, knikken, vernauwingen en filter door. Een nominale luchtcapaciteit is geen gemeten prestatie in jouw tent. Voor een berekening zijn gegevens van ventilator, filter en het volledige traject nodig.
Je bestelling voorbereiden
Noteer type slang, aansluitmaat, benodigde lengte, slangklemmen en eventuele verloopstukken. Controleer bij luchtverdeelslangen de combinatie van diameter en lengte. Het huidige assortiment bevat meerdere lengtes; niet elke maat bestaat in elke lengte.

